10 oktober opening nieuwe tentoonstelling Frans Hals Museum: impressionisten en realisten

MAG HET OOK MOOI ZIJN?

0

In locatie Hal van het Frans Hals Museum is vanaf 10 oktober een omvangrijke tentoonstelling Haarlemse impressionisten en realisten te zien. ‘Mag het ook mooi zijn?’ brengt voor het eerst werk van vijfentwintig bekende en onbekende Haarlemse schilders bijeen, onder wie Jacobus van Looy, Coba Ritsema en Kees Verwey. In een tijd van artistieke vernieuwing en experimenten hielden zij bewust vast aan klassiek vakmanschap en de figuratieve traditie van de late 19e eeuw. Hun kunst gaat over schoonheid en beschouwing. Of, zoals Kees Verwey het zei: ‘Kijken is beleven, en om de belevenis is het mij te doen.

Traditie en ambacht
Moet je als kunstenaar altijd maar vernieuwen, experimenteren en meegaan met de laatste stroming? Of kun je kiezen voor een andere weg, en trouw blijven aan traditie en ambacht? Voor bekende Haarlemse schilders als Kees Verwey, Jacobus van Looy, Coba Ritsema, Otto de Kat en Jaap Ploos van Amstel was het in de eerste decennia van de 20e eeuw helder. Kunst moest ‘gewoon mooi zijn om naar te kijken’. En hoewel de tijdgeest alle ruimte gaf voor het experiment, bleven zij bewust ‘conservatief’ schilderen in de traditie van het impressionisme en realisme van de late 19e eeuw. Niet dat zij onbekend waren met nieuwe richtingen, stijlen en vormexperimenten. Sommigen van hen verdiepten zich er zelfs enige tijd in, en probeerden ‘modern’ te zijn. Een enkeling ging zelfs overstag. Toch hechtten de meesten uiteindelijk geen groot belang aan de drang tot vernieuwing. Onderliggende conceptuele ideeën waren volgens hen ondergeschikt aan het intens beschouwen van de werkelijkheid. Juist die indrukken moesten zo vakkundig mogelijk worden vastgelegd. Kunst moest met veel liefde en aandacht zijn geschilderd en vooral: ‘gewoon mooi’ zijn.

Van Looy
Zo schilderde en tekende Jacobus van Looy (1855-1930) vol toewijding jarenlang realistisch werk vol schoonheid: een poes bij het raam, een meisje in het gras, koorzangertjes, bloemrijke weides – en in zijn laatste jaren ‘gewoon’ de bonte appels en peren in zijn achtertuin van zijn huis aan de Kleine Houtweg in Haarlem. In zijn latere jaren vonden critici hem ouderwets, waarna hij stopte met exposeren. Later worstelden Kees Verwey (1900-1995) en Otto de Kat (1907-1995) met een gebrek aan erkenning te midden van nieuwe richtingen als Cobra en abstractie – vernieuwingen waarvan zij niettemin soms elementen overnamen.

Collectie gerestaureerd
Een groot deel van de schilderijen op de tentoonstelling is afkomstig uit de omvangrijke eigen museumcollectie. Sommige werken zijn tientallen jaren niet te zien geweest, en nu speciaal voor deze gelegenheid schoongemaakt en waar nodig gerestaureerd. Naast deze eigen werken zijn belangrijke bruiklenen beschikbaar gesteld door diverse particulieren en musea, de provinciale collectie Noord-Holland, de Doopsgezinde Kerk, en een tweetal nog levende schilders: Jaap Ploos van Amstel (geb.1926) en Herman van Tongeren (geb. 1933).

Afscheid
‘Mag het ook mooi zijn?’ is de afscheidstentoonstelling van conservator Antoon Erftemeijer, die eind 2020 met pensioen gaat. Erftemeijer (1954) is sinds 1989 werkzaam in het Frans Hals Museum, aanvankelijk als educator en sinds 2008 als conservator moderne kunst. Hij studeerde kunstgeschiedenis aan de Universiteit Leiden en volgde een opleiding tot beeldend kunstenaar aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag. Hij is auteur van diverse boeken, waaronder ‘100 jaar Frans Hals Museum’ en ‘Kunst is om te huilen’.

MAG HET OOK MOOI ZIJN?
Haarlemse impressionisten en realisten
10 oktober 2020 t/m 10 januari 2021
Frans Hals Museum – HAL
Grote Markt 16
Haarlem

Advertentie
Schrijf je in voor de dagelijkse nieuwsbrief van Haarlem updates:
Voer je e-mailadres in: (Geleverd door FeedBurner)